Een hoopvolle toekomst PDF Afdrukken E-mail
maandag 05 mei 2008


"Mijn plan met jullie staat vast – spreekt de HEER. Ik heb jullie geluk voor ogen, niet jullie ongeluk: ik zal je een hoopvolle toekomst geven. Jullie zullen mij aanroepen en tot mij bidden, en ik zal naar jullie luisteren. Jullie zullen mij zoeken en ook vinden, als jullie mij tenminste met hart en ziel zoeken. Ik zal me door jullie laten vinden – spreekt de HEER – en ik zal in je lot een keer brengen."

Jeremia 29:11-14


Sinds het vroegste begin is de mens God ongehoorzaam geweest. We vinden het terug in Genesis, waar Eva verleid werd om van de boom van de kennis van goed en kwaad te eten. We hebben vooral Eva de schuld voor de zondeval gegeven, maar volgens de Bijbel stond Adam bij haar: "De vrouw keek naar de boom. Zijn vruchten zagen er heerlijk uit, ze waren een lust voor het oog, en ze vond het aanlokkelijk dat de boom haar wijsheid zou schenken. Ze plukte een paar vruchten en at ervan. Ze gaf ook wat aan haar man, die bij haar was, en ook hij at ervan."

Eva was niet de eerste zondaar, het was Adam. Als man had Adam leiding moeten nemen en zijn vrouw ervan moeten weerhouden naar de oude slang, de Duivel, te luisteren. De Bijbel zegt immers: "Zoals de dood er is gekomen door een mens, zo is ook de opstanding uit de dood er gekomen door een mens. Zoals wij door Adam allen sterven, zo zullen wij door Christus allen levend worden gemaakt." (1 Korintiërs 15:21-22) God had de vrouw als een helper geschapen, niet als leider of eind-verantwoordelijke.

De Duivel bood de eerste twee mensen in het paradijs gelijkheid aan God aan en zij konden die verleiding niet weerstaan. En door de jaren heen, van het Oude Testament tot aan de dag van vandaag, zien we dat alle mensen ontrouw zijn aan God en aan elkaar. Daarom kunnen we niet met de beschuldigende vinger naar Adam wijzen; wij waren net zo schuldig aan de zonde als hij. Alles wat aanlokkelijk lijkt krijgt voorrang - vooral als het om macht gaat.

"Onze eigen wil staat vijandig tegenover God, want hij onderwerpt zich niet aan zijn wet en is daar ook niet toe in staat. Wie zich door zijn eigen wil laat leiden, kan God niet behagen," zo staat in Romeinen 8:7-8 geschreven. Galaten 5:19-21 somt op wat onze eigen wil allemaal teweegbrengt: "ontucht, zedeloosheid en losbandigheid, afgoderij en toverij, vijandschap, tweespalt, jaloezie en woede, gekonkel, geruzie en rivaliteit, afgunst, bras- en slemppartijen, en nog meer van dat soort dingen."

Gelukkig staat Gods plan met ons leven vast, Hij heeft ons geluk voor ogen. Hij beloofde al in Jeremia ons een hoopvolle toekomst te geven: Jezus Christus. Dankzij Hem kunnen we God aanroepen en tot Hem bidden, en zal Hij onze gebeden verhoren. Door Jezus bracht God een keer in ons lot en redde ons van de eeuwige dood. Ik pak even twee gedeeltes uit Romeinen 8 erbij:

"Dus wie in Christus Jezus zijn, worden niet meer veroordeeld. De wet van de Geest die in Christus Jezus leven brengt, heeft u bevrijd van de wet van de zonde en de dood. (...) Ons leven wordt immers niet langer beheerst door onze eigen natuur, maar door de Geest. Wie zich door zijn eigen natuur laat leiden is gericht op wat hij zelf wil, maar wie zich laat leiden door de Geest is gericht op wat de Geest wil."

Allang voor de schepping van de wereld was het Gods plan om jou en mij te redden. Het was Zijn plan om je Zijn Geest te geven, zodat je samen met Hem kan leven. Je eigen natuur is met Christus gestorven aan het kruis, tweeduizend jaar geleden. De Bijbel zegt: "Wie Christus Jezus toebehoort, heeft zijn eigen natuur met alle hartstocht en begeerte aan het kruis geslagen."

Toch is het iedere dag een keuze of we ons laten leiden door onze oude hart, of door wat de Geest tegen ons zegt. Wanneer we voor de weg van de Geest kiezen, brengen we veel vrucht voort en beheersen 'liefde, vreugde en vrede, geduld, vriendelijkheid en goedheid, geloof, zachtmoedigheid en zelfbeheersing ons leven. Wanneer we daarin falen, wijzigt dat niets aan Gods plan voor ons leven; dat staat immers vast. Zijn helpende hand staat altijd klaar om je op te rapen, niet om je neer te slaan. Ongeacht van wat we doen, pleit de Heilige Geest voor ons en zal Jezus met ons zijn, tot in lengte van dagen (voor eeuwig).

Roep Hem aan met hart en ziel, en Hij zal zich laten vinden.

Gods zegen,

Christian Nolles